Jan Kooi

Jan Kooi, de man die is afgebeeld op de illustratie op het T-shirt, was een korporaal in het Nederlands Indisch leger. Als onderdeel van een deal met de koning van Ashanti werden er, nadat de slavenhandel was afgeschaft, ongeveer drieduizend Afrikaanse mannen geronseld om in het Nederlands-Indische leger te vechten. Oorspronkelijk kwam Kooi uit Elmina, Ghana, waar hij is geronseld als soldaat voor Nederlands-Indië (het huidige Indonesië).

In Nederlands-Indië heeft Kooi meerdere ‘heldendaden’ verricht. Zo heeft hij de levens gered van een kapitein en luitenant door meerdere Indonesiërs uit Atjeh te doden. Ook lukte het hem een aanval van de vijand af te weren op het vervoer van vijfenzestig ‘kettinggangers’ (dwangarbeiders). In 1882 komt Jan Kooi aan in Harderwijk, waar hij zich moet melden na twaalf jaar diensttijd. In Harderwijk, bij het Koloniaal Werfdepot, moet Kooi zich uitschrijven voor het koloniale leger.

Ook kon van Kooi een tijd lang zijn afbeelding gekocht worden bij drukker Wedding in Harderwijk, met zijn portret en zijn ‘heldendaden’ erop vermeld. (Een soort voetbalplaatje uit de 19e eeuw, maar dan met een soldaat.) Kooi werd geprezen om zijn daden en heeft daarom de Willemsorde mogen ontvangen, welke hij ook trots draagt op het schilderij dat van hem is gemaakt.

Jan Kooi is niet de echte naam van de man op het schilderij van J.C. Leich. Deze naam is hem gegeven door de Nederlandse officieren, omdat zijn echte naam te lastig was om uit te spreken. Zoals zijn gegeven naam al aangeeft zat Kooi gevangen in een situatie waar hij zelf vrij weinig aan kon veranderen. Hij was zowel slachtoffer als onderdeel gemaakt van het Nederlandse koloniale systeem.

Het Koloniaal Werfdepot

Het Koloniaal Werfdepot was gevestigd in Harderwijk van 1814 tot 1909. Vanuit Harderwijk zijn in deze tijd 150.000 Europese koloniale soldaten getraind en verscheept naar Nederlands-Indië. De soldaten vochten in oorlogen om meer land te winnen voor het Nederlandse koloniale rijk. Harderwijk heeft veel aan de soldaten verdiend: wanneer de kolonialen zich als vrijwilligers aanmeldden, kregen ze handgeld. Dit geld besteedden de soldaten al snel aan alcohol in één van de vele kroegen.

De koloniale soldaten brachten dus veel geld in het laadje, zowel bij de Nederlandse regering, doordat ze vochten in het Nederlands-Indisch leger, als bij de gemeente Harderwijk in de kroegen en bordelen. Harderwijk werd hierdoor het ‘riool van Europa’ genoemd, omdat soldaten uit heel Europa samenkwamen in de straten van de vissersstad. De bevolking van Harderwijk werd tegelijkertijd ook steeds christelijker, waardoor het gedrag van de soldaten lang niet altijd werd geaccepteerd. Uiteindelijk moest het Werfdepot Harderwijk verlaten, omdat de bevolking klaar was met de koloniale soldaten. De bevolking was dus tegen het gedrag van de soldaten, maar niet tegen kolonialisme. Integendeel, de bevolking was grotendeels voor het behoudt van de koloniën, om op deze manier het christendom naar het islamitische Indonesië te brengen.

Tegenwoordig is het oude Koloniaal Werfdepot een wooncomplex, maar de 19e-eeuwse poort doet nog altijd herinneren aan de koloniale tijd. De poort is een symbool voor het behouden van koloniaal gedachtegoed zonder dit op een informerende manier te brengen. Er is geen enkel makkelijk toegankelijk informatiebord bij de koloniale poort te vinden (op dit moment), waardoor de geschiedenis wel getoond wordt in de architectuur, maar niet duidelijk wordt verteld.

Wil jij ook een shirt van stof tot nadenken? Je kunt ze hier pre-orderen.